Onderscheidend vermogen knooppunt
Rotterdam is het grootste multimodale goederenknooppunt van Europa. De samenkomst van zeevaart, binnenvaart, spoor, pijpleidingen en wegvervoer vormt een logistiek systeem met wereldwijde impact. De haven vervult een sleutelrol in internationale handelsketens en fungeert als primaire toegangspoort tot het Europese achterland. Het knooppunt onderscheidt zich door schaal en betrouwbaarheid, maar ook door een sterke positie op het gebied van digitalisering en verduurzaming. Initiatieven rond walstroom, waterstofketens en innovatieve terminals laten zien dat Rotterdam in staat is om grootschalige transities te combineren met operationele continuïteit. Juist deze combinatie van mondiale schaal en transitievermogen bepaalt het onderscheidend karakter van het knooppunt binnen het GVC-programma.
Doel realisatiepact
Het Realisatiepact Rotterdam versterkt de samenwerking tussen Rijk, Havenbedrijf Rotterdam en de regio om de groeiende goederenstromen duurzaam, betrouwbaar en toekomstbestendig te faciliteren. Ambitie van het realisatiepact is onder meer het ontwikkelen van een dekkend netwerk van digitaal ontsloten publieke toegankelijke voorzieningen als truck parkings, reefer hubs en CEH, die via multimodale verbindingen met elkaar en met het achterland zijn verbonden. Vanuit dit doel wordt ingespeeld op meerdere samenhangende uitdagingen: toenemende goederenstroom volumes en bijbehorende druk op gebruik infrastructuur, de noodzaak van een forse verduurzaming van transport en energievoorziening en de behoefte aan betere digitale ketenintegratie. Vanuit deze opgaven zijn de doelen van het realisatiepact geformuleerd, de belangrijkste van deze doelen zijn:
- Inzetten op ontwikkeling van een dekkend netwerk van digitaal ontsloten publieke toegankelijke voorzieningen: ontwikkeling van een netwerk van publieke logistieke voorzieningen met faciliteiten zoals truckparking, reeferhubs en voorzieningen voor alternatieve brandstoffen en laden, zodat goederenstromen efficiënter en duurzamer kunnen worden gebundeld en afgewikkeld.
- Verdere digitalisering van de logistieke sector: versnellen van digitale toepassingen die direct aansluiten op de logistieke praktijk van bedrijven, met expliciete aandacht voor dataveiligheid, concurrentiegevoelige informatie en vertrouwen in de keten.
- Stimuleren van de modal shift: vergroten van het aandeel vervoer via water en spoor, in nauwe samenhang met realisatiepacten landinwaarts, zodat de druk op het wegennet afneemt en emissies worden gereduceerd.
Plan van aanpak
Binnen het realisatiepact zijn door projecttrekkers, binnen door het pactteam vastgestelde thema’s, verschillende projecten opgezet. In fase 1 (2025–medio 2026) zijn zeven projecten gestart die direct bijdragen aan de realisatie van de doelen van het pact. In 2026 ligt de focus op het formuleren en voorbereiden van nieuwe projecten voor fase 2. De lopende projecten richten zich onder meer op:
- Versterken van bestaande logistieke (vers)hubs door in te spelen op ontwikkelingen zoals Clean Energy Hubs, reeferhubs, waterstoftoepassingen, digitale ontsluiting en het verbeteren van bijbehorende infrastructuur.
- Verbeterde digitalisering van goederenstromen, met aandacht voor het zorgvuldig omgaan met gevoelige informatie via een vertrouwensketen.
- Stimuleren en initiëren van multimodaal transport, onder andere via een zero-emissie Maasdelta bargeshuttle en diverse spoorprojecten.
Een specifiek aandachtspunt binnen het realisatiepact is greenportlogistiek. Nederland is een grote exporteur van verse goederen, wat hoge eisen stelt aan snelheid, betrouwbaarheid en gekoelde logistiek. Tegelijkertijd biedt juist deze stroom kansen voor verduurzaming en modal shift. Daarom zet het pact in op het ontwikkelen van faciliteiten voor duurzame export van verse en bederfelijke goederen en op samenwerking met het Joint Corridors Off Road-plan van Zuid-Holland om verdere ketenintegratie te bevorderen. Duurzaamheid beperkt zich niet tot de verslogistiek. Het Knooppuntplan Rotterdam richt zich ook op het verduurzamen van de binnenvaart, onder andere door de realisatie van Clean Energy Hubs met laadpunten voor de binnenvaart en truckparkingplaatsen. Daarnaast legt het pact expliciet verbindingen met grotere infrastructurele projecten, zoals het faciliteren van wegvervoer en de ontwikkeling van buisleidinginfrastructuur binnen Project Delta Corridor.
De aanpak van het realisatiepact rust op vier samenhangende pijlers:
- Digitaal en innovatief goederenvervoer (smart)
- Betrouwbare en veerkrachtige infrastructuur (smooth)
- Duurzaam goederenvervoer (sustainable)
- Multimodaal goederenvervoer (shift)
Belangrijke lopende projecten zijn onder meer de ontwikkeling van reeferhubs, vervoer van verse goederen per spoor, het gebruik van de modal-shiftregeling en projecten gericht op vervanging en renovatie van infrastructuur.
Wat is opvallend?
De logistiek binnen het knooppunt Rotterdam en tussen dit en de andere knooppunten op de corridor verandert ook door de enorme transitieprojecten die in Rotterdam worden gerealiseerd. Dit vraagt om verregaande digitale integratie van goederenstromen en juist dat maakt de inzet van het realisatiepact ambitieus. De combinatie van ontwikkeling van fysieke infrastructuur, energie-infrastructuur en digitale transitie is binnen de Topcorridors unieke vanwege de grote schaal.
Samenwerkende partijen & looptijd
Het realisatiepact Rotterdam wordt uitgevoerd in samenwerking tussen het Havenbedrijf Rotterdam, het Ministerie van IenW, Rijkswaterstaat, ProRail, de provincie Zuid-Holland, betrokken gemeenten en energiebedrijven. De looptijd van 2025–2030 sluit aan bij de schaal, complexiteit en fasering van de projecten en de noodzakelijke afstemming tussen publieke en private partijen.